asielzoekersMet zijn Nederlandse paspoort is mijn pasgeboren zoontje Jonah vrij om te gaan en staan waar hij wil. Iets waar je nauwelijks bij stil staat, het lijkt immers zo vanzelfsprekend. Maar voor Aleksander (7) en Boris (4), beide ook in Nederland geboren, is dat het niet. Zij moeten binnenkort terug naar Kosovo, het land dat hun moeder is ontvlucht. 

Als gevolg van het kinderpardon mogen 675 kinderen van uitgeprocedeerde asielzoekers – samen met hun ouders - in Nederland blijven. Meer dan de helft van de aanvragen is echter afgewezen. Om voor het kinderpardon in aanmerking te komen moet er aan een aantal voorwaarden voldaan zijn. Eén van die voorwaarden is dat zij ‘in het zicht’ zijn gebleven van het Rijk. De moeder van Aleksander en Boris was – als orthodox-christelijke Servische - zo bang om terug te moeten naar Kosovo dat zij niet aan deze plicht voldaan heeft. Zij en de kinderen waren wel bekend bij de Gemeente Zeewolde, het consultatiebureau, de school en de sportclub van de kinderen.

Kinderen die na 2010 uitgeprocedeerd raakten zijn opgevangen in zogeheten gezinslocaties waardoor ze automatisch in beeld bleven van de instanties, de familie van Aleksandar en Boris werd op straat gezet en opgevangen door vrienden. Voor hen lijkt het vooral domme pech. Zij moeten terug naar een land dat ze niet kennen, terwijl ze misschien wel net zo Nederlands zijn als mijn zoontje Jonah.

Door Bibi van der Sprong.